Met Esmee op reis

Multiculti Maleisie

Maleisie, het zevende en laatste land van mijn reis. Met een dubbel gevoel ben ik begonnen met typen. Dubbel, omdat ik weet dat dit het laatste reisverslag zal zijn en ik aan het einde niet meer zal vooruitblikken naar het grote onbekende, maar weer naar het oude vertrouwde Nederland. Allebei heeft het zo zijn voor- en nadelen. Ik zag eerst heel erg tegen het grote onbekende op, omdat ik niet wist waar ik aan zou beginnen. Maar al snel had ik door dat het onbezorgder en avontuurlijker was dan het oude vertrouwde en als ik nu terugblik, kan ik beamen wat de meeste mensen zeggen: 'Het is de tijd van je leven.'

Reizen en vakantie vieren, twee dingen waarvan ik nu weet dat ze niet met elkaar te vergelijken zijn. Van het thuisfront kreeg ik vaak te horen of ik het niet zat was om weer op een strand te liggen. Maar vaak ging er heel wat aan vooraf om op zo'n strand te komen. Van A naar B reizen aan deze kant van de wereld is niet al te moeilijk, maar vergt een hoop geduld. In Nederland stap je in de trein en als de NS meewerkt , ben je zo op de plek van bestemming. Om weer in een andere plaats of land te komen zijn wij soms wel eens 18 uur bezig geweest en dat was helaas vaker regel dan uitzondering. In deze uren moesten we gerust een paar keer overstappen, met een beetje pech van boot naar bus naar boot naar bus en dat niet overdag maar vaak midden in de nacht, zorgen dat we niet afgezet werden door een Tuk-Tuk chauffeur, sjouwen met veel te zware tassen in gemiddeld zo'n 35 graden en tot slot zoeken naar een hostel en weer proberen om niet afgezet te worden. Maar we wisten elke keer weer dat de beloning groot zou zijn als we de gewenste plek van bestemming zouden bereiken en het vakantie vieren kon weer beginnen als we op dat mooie witte zandstrand lagen. En vervolgens niet weten wat de volgende dag voor je in petto had, zorgde ervoor dat het nooit saai werd. Als we het onbekende ontdekt hadden, was het tijd voor een volgende plek. Zo heb ik de kans gehad om ontzettend veel mooie dingen te zien, nieuwe culturen te ontdekken en heel veel leuke mensen te leren kennen.

Alle ervaringen die ik eerder al heb beschreven, hebben veel indruk op me gemaakt en me doen beseffen dat we het helemaal zo slecht nog niet hebben in Nederland. Het is leuk om in al deze landen te zijn zolang je uit het westen komt, geld hebt en aan het reizen bent, maar de meerderheid van de bevolking leeft nog altijd in armoede en zijn zelf nog nooit buiten hun stad of dorp geweest. Als je je bedenkt dat een serveerster op Bali gemiddeld 80 euro per maand verdient voor 10 uur werken op een dag en twee dagen vrij per maand, dan kun je veel beter in Nederland wonen en werken en geld sparen om als toerist naar andere mooie landen te gaan.

Ik ben blij dat we in Laos begonnen zijn en zijn geeindigd in Maleisie. Op de plekken waar wij geweest zijn in Maleisie hebben we minder armoede gezien dan in bijvoorbeeld Laos. Maleisie is veel meer ontwikkeld. Dat zorgt er hopelijk voor dat het verschil met Nederland voor mij straks niet zo groot is. Kuala Lumpur is echt een wereldstad en multicultureler dan een gemiddelde vrijdagavond op de Lijnbaan in Rotterdam. De overgrote meerderheid is moslim en dat was te merken aan de vele gekleurde hoofddoeken die we voorbij hebben zien komen. In combinatie met alle Chinezen en Indiers was het een kleurrijke boel. In Singapore en Bangkok had ik al veel dure winkels in shopping malls gezien, maar Kuala Lumpur doet daar nog een schepje bovenop. Een pretpark met achtbanen in een winkelcentrum is hier heel normaal. En van het openbaar vervoer kan Nederland zeker nog wat leren. Er zijn enorm veel metrolijnen die weer aansluiten op een monorail of een trein en dat allemaal zonder (al te veel ) vertraging. Voor twee euro reis je de hele stad door. Ideaal. In Kuala Lumpur hebben we Ruth weer gezien, die we al ontmoet hadden in Chiang Mai en waarmee we gereisd hebben tot in Laos. Het was super leuk om de laatste dagen in Azie samen met haar door te brengen. Toevallig wilde ze na Kuala Lumpur ook naar de Perhentian Islands die boven de Noordoostkust van Maleisie liggen. We hadden al veel mooie eilanden gezien, maar op Perhentian Kecil, dat klein eiland betekent en waar wij geslapen hebben, waanden we ons even in een aflevering van expeditie Robinson. Maar dan met iets meer faciliteiten. Elektriciteit is er heel schaars. Op ons resort viel de elektriciteit een paar keer per dag uit en andere resorts zetten de generatoren overdag uit om stroom te sparen voor de avond. ATM's zijn er niet, dus je moest zorgen dat je genoeg geld bij je had anders moest je het eiland verlaten. Een taxiboot is het enige vervoersmiddel dat ze kennen. Op het eiland zelf kon je de andere kant alleen bereiken door te lopen. De enige bar op het eiland is de Black Tip bar, waar alcohol bijna niet te betalen is, omdat het een zwaar Islamitisch eiland is. Iedereen dronk daarom Monkey Juice, een lokaal brouwsel dat gemixt met cola prima te drinken is. Als je naar het toilet moest, moest je de jungle of de zee in. Dat heeft nog voor een paar spannende tochten gezorgd. Levensmiddelen zijn duur op het eiland, maar duiken en snorkelen daarentegen is het goedkoopste in heel Zuidoost-Azie. Voor een duik betaalde ik maar 16 euro en voor een hele dag snorkelen betaalden we 7,50 euro. Het eiland was perfect om lekker bij te komen. We hadden dan ook niet veel keus, want er was buiten snorkelen en duiken om niets te doen. We zijn er een week blijven hangen en zijn toen teruggegaan naar Kuala Lumpur. Hier hebben we afscheid genomen van Ruth. Onze laatste dagen hebben we doorgebracht in Kuala Lumpur en Melaka, een stadje op twee uur afstand van Kuala Lumpur dat in de 16e eeuw 150 jaar bezet is geweest door de Nederlanders. Dankzij de molens, het Stadhuys, het Heeren house en het Dutch Square kon ik alvast weer een beetje aan thuis wennen.

We hadden geen zin meer in vieze matrassen of gedeelde douches en besloten daarom het laatste weekend in Kuala Lumpur ons laatste budget erdoorheen te jagen door een luxe hotel te boeken. Dat Maleisie een multicultureel land is, werd net ook weer bevestigd bij het ontbijtbuffet. Het was bijna geen ontbijt meer te noemen. Ze hadden van alles, van loempia's, tot rijst, dim sum, curries, croissantjes, muffins, french toast en noodles. Ik stond tussen vrouwen met burka's en Chinezen mijn broodjes te smeren. Ik zit nu op onze hotelkamer, te genieten van het uitzicht over de stad en de afgelopen maanden te overdenken. Ik wil jullie bedanken voor het lezen van mijn verhalen, zo zijn jullie toch een beetje onderdeel geweest van mijn reis. Voor mij zijn mijn verhalen een mooie herinnering en de reacties die ik heb gekregen maken die herinnering nog specialer. Mijn backpack ligt klaar om voor de laatste keer ingepakt te worden. Over een paar uur vlieg ik naar huis. Het was een bijzondere en mooie tijd, maar na zeven maanden heb ik ook wel weer zin om naar huis te gaan. Zin om mijn lieve familie en vrienden en vriendinnen weer te zien, in mijn eigen bed te slapen, te fietsen langs de Amsterdamse grachten, een glas melk te drinken, een andijviestamppot te eten, weer een kledingkast te hebben, geen moeite meer te hoeven doen om iets voor elkaar te krijgen, niet meer te hoeven onderhandelen en niet meer op een budget te hoeven leven. Als Nederland nou de Aziatische prijzen gaat hanteren en het Aziatische klimaat overneemt, dan zal je mij nooit meer horen klagen over ons fijne kikkerlandje ;-)

Tot snel!

Reacties

Reacties

maryla

Lieve Esmee, een hele goede reis terug!!!!!!
groetjes van Maryla

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!